Stecklenberg

    Twee kasteelruïnes, een chloor-calcium-bron en een keurig kuurpark. Dat alles en nog veel meer heeft het kleine dorpje Stecklenberg aan de oostelijke rand van de Bodestad Thale te bieden.

    Kirche in Stecklenberg (Foto: Matthias Haltenhof)

    Stecklenberg ligt op 265 meter hoogte aan de rand van het Rambergmassief. Het dorp werd vernoemd naar de Stecklenburg die, net als de iets hoger gelegen Lauenburg, tegenwoordig als ruïne bezocht kan worden. Stecklenberg was tot 1815 een zelfstandig. Daarna viel het onder het regiem van de regering in Magdeburg - onderdeel van de Pruisische provincie Saksen. Sinds 1861 bevond zich Stecklenberg in het bezit van de heren van de Bussche-Streithorst.

    Op 23 november 2009 werd Stecklenberg onderdeel van de stad Thale en vormt samen met Allrode, Almsfeld, Altenbrak, Friedrichsbrunn, Neinstedt, Treseburg, Warnstedt, Weddersleben, Wendefurth en Westerhausen het vakantiegebied Bodedal in de Sagenharz.

    Een omvangrijk wandelwegennetwwerk nodigt uit tot een tocht in de nabij gelegen bossen en dorpen. Met de »Weg deutscher Kaiser und Könige - De weg der Duitse keizers en koningen« loopt er zelfs een lange afstand wandelroute door Stecklenberg. Tot de meest populaire punten behoren, naast de al genoemde ruïnes en de chloor-calcium-bron, hoort ook het kuurpark met een water-as, een 100 meter lange glijbaan en een model van de Lauenburg.

    Kirschblüte in Stecklenberg

    Kersenbloesemfeest

    Aan het begin van de 20ste eeuw werden, toen zich het toerisme begon te ontwikkelen, werden in Stecklenberg duizenden kersen- en andere fruitbomen geplant, die ook tegenwoordig nog het beeld van Stecklenberg bepalen.

    Op 1 mei wordt het kersenbloesemfeest gevierd, dat ieder jaar vele gasten naar Stecklenberg lokt.